Financiële ontwikkeling per beleidsdoel
Beleidsdoel | Rekening | Begroting | Begroting | Rekening | Verschil | |
|---|---|---|---|---|---|---|
P2-1 | Natuurnetwerk robuust (ontwikkeld) | -14.779 | -14.266 | -23.624 | -19.995 | 3.629 |
P2-2 | Kwaliteit van natuur is goed/divers | -36.753 | -41.023 | -53.753 | -47.189 | 6.564 |
P2-3 | Verbinding natuur, mensen, maatsch. | -3.153 | -3.991 | -3.590 | -3.599 | -9 |
P2-4 | Duurzaamheid substantieel onderdeel | -5.953 | -7.978 | -10.300 | -8.229 | 2.071 |
P2-5 | Leefbaarheid van landelijk gebied | -201 | -496 | -490 | -219 | 271 |
Totaal | Landelijk gebied exploitatie | -60.839 | -67.755 | -91.759 | -79.231 | 12.527 |
Onttrekkingen | 10.046 | 20.109 | 30.846 | 30.846 | ||
Stortingen | 9.598 | 5.286 | 11.672 | 11.672 | ||
Totaal mutaties reserves | 448 | 14.823 | 19.174 | 19.174 | ||
Totaal | Landelijk gebied exploitatie | -60.391 | -52.932 | -72.585 | -60.057 | 12.527 |
Beleidsmatige ontwikkeling
P2-1 | Activiteit | Planning | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
2.1.1 | Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is verder gerealiseerd (groter van oppervlakte) |
|
| |||
Van de oorspronkelijke opgave van 1.616 hectare nog te realiseren functieverandering nieuwe natuur resteert per 1 januari 2026 nog 388 hectare. Het realiseren van deze restantopgave voor eind 2027 wordt een lastige opgave. Van de oorspronkelijke inrichtingsopgave van 4.381 hectare inrichting resteert per 1 januari 2026 nog 1.682 hectare. Het realiseren van deze restantopgave voor eind 2027 wordt eveneens een lastige opgave. | ||||||
2.1.1.1 | Wijzigen van de functie van 50 ha aan percelen naar natuur. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
In 2025 realiseerden we 119 hectare nieuwe natuur door functieverandering. Dit is 69 meer dan de 50 hectare | ||||||
2.1.1.2 | Inrichten van 100 ha aan nieuwe natuur, waarvan 10 ha nieuw bos. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
In 2025 heeft 102 hectare de status ingericht gekregen. Dat is 2 hectare meer dan begroot. 13 hectare hiervan betreft bos. | ||||||
2.1.2 | De Groene Contour is verder gerealiseerd |
|
| |||
De groene contour is opgenomen in het concept Utrechts Programma Landelijk Gebied en wordt verder uitgewerkt in het Beleidsprogramma Natuur. Ook is de Groene Contour meegenomen in het Statenbesluit essentiële percelen natuur. | ||||||
2.1.2.1 | Het beleid voor de groene contour is in lijn gebracht met de doelen voor het UPLG en passend bij onze opgaven op het gebied van natuurinclusieve landbouw, strategisch bosbeleid, opwekken van energie of realiseren van recreatief groen zoals opgenomen in het programma Groen Groeit Mee. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
2.1.3 | Natuurgebieden zijn beter met elkaar verbonden |
|
| |||
Het ecoduct over de N226 is in 2025 opgeleverd. Er zijn minder hectares groene en blauwe dooradering opgeleverd dan in de begroting 2025 opgenomen. | ||||||
2.1.3.1 | We realiseren minimaal 13 ha groene dooradering. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
Vanuit de subsidieregeling ‘aanleg kleine landschapselementen met functiewijziging’ is in 2025 4 hectare aan landschapselementen aangelegd. Vanuit de subsidieregeling ‘aanleg en herstel kleine landschapselementen’ is 5,4 hectare kleine landschapselementen aangelegd. In totaal 9,4 hectare. | ||||||
2.1.3.2 | We realiseren minimaal 1,2 hectare blauwe dooradering. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
Vanuit de subsidieregeling ‘aanleg en herstel kleine landschapselementen’ is 0,6 hectare blauwe dooradering aangelegd in de vorm van natuurvriendelijke oevers. | ||||||
2.1.3.3 | Het ecoduct over de N226 leveren we op, evenals drie faunatunnels (N224, N234 en N415). |
| ||||
Resultaat: | ||||||
Het ecoduct over de N226 is opgeleverd, inclusief de bijbehorende rasters die het wild naar het ecoduct geleiden. Ook zijn er drie kleinwildtunnels onder de N226 aangelegd. Onder de N415 zijn in 2025 drie kleine faunatunnels aangelegd inclusief bijbehorende kleinwildrasters. De faunavoorzieningen onder de N224 en N234 zijn uitgesteld. | ||||||
2.1.4 | Het areaal bos is vergroot en de kwaliteit van bestaand bos is verbeterd |
|
| |||
De provincie heeft als uitwerking van de landelijke bossenstrategie (10% meer bos in Nederland als onderdeel van het Nationaal Klimaatakkoord/klimaattafel landbouw en landgebruik) in 2022 het provinciaal strategisch bosbeleid vastgesteld. Het provinciale 'Strategisch bosbeleid, meer en beter bos in Utrecht' richt zich hoofdzakelijk op de volgende drie thema’s: | ||||||
2.1.4.1 | Realisatie van 10 hectare nieuw bos buiten NNN en realisatie van 40 hectare agroforestry en 5 hectare voedselbos. Planten van 150.000 bomen in het kader van het Bomenplan uit het Coalitieakkoord. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
Er zijn geen hectares bos buiten het NNN gerealiseerd. Wel is er door verschillende particulieren belangstelling getoond. Dit leidt naar verwachting tot subsidieaanvragen in 2026. | ||||||
2.1.4.2 | Ten behoeve van revitalisering 2 hectare netto aanplant in bestaande bossen, 20 hectare bufferstoffen toevoegen, 50 hectare bosverjonging stimuleren en 30 hectare aanwijzen t.b.v. netwerk oude, aftakelende en dode bomen. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
In 2025 zijn 5 plannen ingediend voor revitalisering van bestaand bos op de Utrechtse Heuvelrug. Opgeteld gaat dit om 44 hectare netto aanplant, 39 hectare bufferstoffen toevoegen, 87 hectare bosverjonging stimuleren, 76 hectare aanwijzen t.b.v. netwerk oude, aftakelende en dode bomen. De uitvoering vindt plaats in de periode 2026-2030. | ||||||
2.1.4.3 | Op de Utrechtse Heuvelrug is een hoofdcompartimentering verder uitgerold en er is een gezamenlijk provinciaal programma natuurbrandbeheersing opgesteld. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
De hoofdcompartimentering voor de Utrechtse Heuvelrug is verder uitgerold en vervolgacties zijn in gang gezet. We werken samen met de Veiligheidsregio Utrecht, gemeenten en terreinbeheerders verder aan de gezamenlijk aanpak op de Utrechtse Heuvelrug. Er is nog geen provinciaal programma natuurbrandbeheersing opgesteld. Alvorens dit te doen moet eerst de governance van de gezamenlijke aanpak worden uitgewerkt. Begin 2026 wordt hiervoor een procesmanager ingehuurd. | ||||||
P2-2 | Activiteit | Planning | ||||
2.2.1 | Het beheer van bestaande bos-, natuur- en agrarische gebieden is effectiever en efficiënter |
|
| |||
In 2025 is voor 21.749 hectare subsidie voor natuurbeheer verleend. Dit is een toename van 78 hectare ten opzichte van vorig jaar. Er is voor agrarisch natuurbeheer subsidie verstrekt voor ruim € 13 miljoen per jaar. Een uitbreiding van ca. € 1,7 miljoen t.o.v. 2024. | ||||||
2.2.1.1 | Het aantal ha natuurterrein waarvoor subsidie natuurbeheer wordt verstrekt, is gegroeid met 200 ha. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
Het areaal natuurterrein waarvoor subsidie natuurbeheer wordt verstrekt is gegroeid met 78 ha. Dit is minder dan verwacht. De uitbreiding van het areaal is afhankelijk van de toevoeging van nieuwe hectares die door functieverandering de bestemming natuur krijgen. Afhankelijk van het tempo waarin dit gebeurt, kan ook het areaal beheerde natuur toenemen. | ||||||
2.2.1.2 | De toezichtskalender 2025 is opgesteld en uitgevoerd. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
2.2.1.3 | Het aantal ha waarvoor subsidie agrarisch natuurbeheer wordt verstrekt blijft ten minste gelijk (ca.12.000 ha) ten opzichte van het aantal daadwerkelijk te realiseren hectares in 2024. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
2.2.2 | De biodiversiteit in stad en platteland is verbeterd |
|
| |||
Het opstellen van de beheerplannen voor 5 N2000 gebieden loopt vertraging op, mede door goede afstemming met het UPLG. Ook de uitvoering van maatregelen in Oud Kolland loopt wat vertraging op. | ||||||
2.2.2.1 | Het afronden van de uitvoering van alle natuurherstelmaatregelen binnen de begrenzing van Natura 2000 gebieden, zoals opgenomen in de 1e fase SPUK Programma Natuur. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
Overeenkomstig de afspraken met het Rijk loopt de 1e fase van SPUK Programma Natuur tot en met 31 december 2026. Het merendeel van de projecten van deze 1e fase is nog in uitvoering. Op basis van de ontvangen voortgangsrapportages is de verwachting dat de werkzaamheden in de loop van 2026 zullen worden afgerond. | ||||||
2.2.2.2 | Uitvoeren hydrologische planstudie Zouweboezem, uitvoeren herstelwerkzaamheden Oud Kolland Oost. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
De studie Zouweboezem is afgerond met een Hydrologische planstudie van een voorkeursalternatief, inclusief een afwegingskader, een notitie met varianten en een effectenanalyse. | ||||||
2.2.2.3 | 5 nieuwe concept beheerplannen Natura2000 voor de gebieden Binnenveld, Zouweboezem, Kolland en Overlangbroek, Uiterwaarden Lek en Botshol. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
We hebben twee kwartalen vertraging opgelopen. Ten opzichte van de initiële opdracht is nauwe samenwerking en afstemming gezocht met het UPLG. Daarmee is het participatieproces uitgebreider en grondiger vormgegeven. In het kader van het opbouwen van het netwerk met direct belanghebbenden en de daarmee samenhangende doorlopen gemeenschappelijke factfinding, zijn de evaluaties van de 5 gebieden gereed en aangeboden aan de Ecologische Autoriteit. De planning is nu om in het 2e kwartaal van 2026 op basis van de evaluaties de concept beheerplannen opgesteld te hebben. | ||||||
2.2.3 | De balans tussen ingrepen/faunabeheer en instandhoudingsdoelen bewaken en verbeteren |
|
| |||
Het nieuwe faunabeheerplan is conform planning vastgesteld. De uitvoering van het faunabeleid, vastgelegd in het faunabeheerplan is op onderdelen vertraagd omdat de werkzaamheden rondom wolven meer personele inzet vereisen dan beoogd. De inzet is om de betreffende projecten in 2026 te starten of af te ronden. De uitgaven aan faunaschade zijn hoger dan voorzien. In de slotwijziging 2025 zijn hiervoor extra middelen toegekend. | ||||||
2.2.3.1 | De rapportage voor Provinciale Staten over de uitvoering van NNN- en boscompensatieverplichtingen in de provincie Utrecht wordt opgesteld, de inrichting van compensatielocaties Bijleveld wordt afgerond en de uitvoering van Valkenheide start in 2025. Bij grondaankopen wordt beoordeeld of deze inzetbaar zijn voor de natuurcompensatiebank om de voorraad in de compensatiebank op peil te houden. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
De inrichting van de compensatielocatie Bijleveld is nog niet afgerond. De wijziging van het Omgevingsplan waarmee de functie naar natuur gewijzigd wordt, is nog niet door de gemeenteraad van Woerden vastgesteld. de geplande rapportage voor Provinciale Staten is opgeleverd en de inrichting van compensatielocatie Valkenheide is gestart. | ||||||
2.2.3.2 | Alle gemeenten hebben of werken aan een Soortenmanagementplan (SMP) en er wordt een integraal puntensysteem ontwikkeld voor natuurinclusief bouwen (gebouw) en inrichten (gebied) |
| ||||
Resultaat: | ||||||
2.2.3.3 | Een vastgesteld en goedgekeurd faunabeheerplan. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
Het Faunabeheerplan 2026-2031 is (op onderdelen) goedgekeurd door GS op 9 december 2025. | ||||||
2.2.3.4 | Draaiboeken en protocollen wolf. We blijven focus houden op IPO aanpak wolf, IPO Wolvenplan met IPO richtlijnen en een door het Rijk op te stellen visie. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
De werkwijze incidenten is opgesteld en via de landelijke aanpak wolven is gestart met het uitwerken van de prioritaire onderwerpen die voortvloeien uit de afspraken die tussen het Rijk en IPO gemaakt zijn. | ||||||
2.2.3.5 | We onderzoeken de meerwaarde van een biodiversiteitsmonitor. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
Naar aanleiding van de landelijke biodiversiteitsmonitor is verzocht te verkennen of ook een provinciale biodiversiteitsmonitor kan worden opgesteld. Wegens capaciteitsgebrek is dit nog niet opgepakt. | ||||||
2.2.3.6 | Invasieve exoten zijn vaker onderdeel van gebiedsgerichte projecten in beschermde natuurgebieden, er zijn draaiboeken beschikbaar voor geprioriteerde invasieve exoten, en er is een werkplan voor vroegtijdige signalering van invasieve exoten in Utrecht. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
Het uitvoeringsprogramma is herijkt, terreinbeherende organisaties leveren in 2026 plannen voor de gebiedsgerichte aanpak. De draaiboeken en het werkplan voor vroegtijdige signalering zijn opgenomen in het landelijk Aanvalsplan invasieve exoten van LVVN, maar dat heeft nog geen concrete resultaten opgeleverd. | ||||||
P2-3 | Activiteit | Planning | ||||
2.3.1 | De betrokkenheid van inwoners bij natuur is groter en de samenwerking tussen bij natuur betrokken partijen is beter |
|
| |||
Het Utrechts Landschap, Landschap Erfgoed Utrecht, IVN Natuureducatie en het Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug hebben het meerjarenplan 2025-2028 opgesteld. Dit plan is gebaseerd op de door Gedeputeerde Staten (GS) in 2024 goedgekeurde beleidsuitwerking Natuur en Samenleving 2025-2028. In het meerjarenplan worden per organisatie de kerntaken en activiteiten beschreven die bijdragen aan de betrokkenheid van inwoners bij de natuur en de samenwerking tussen natuurorganisaties. | ||||||
2.3.1.1 | Uitvoering van activiteiten door Utrechts Landschap, Landschap Erfgoed Utrecht, IVN Natuureducatie en de stichting Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug conform de in 2024 vastgestelde Beleidsuitwerking Natuur en samenleving 2025-2028. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
Met provinciale exploitatiesubsidie voerden Het Utrechts Landschap, Landschap Erfgoed Utrecht en IVN Natuureducatie tal van activiteiten uit op basis van hun meerjarenplannen 2025-2028. Samen met gemeenten, waterschappen en het ministerie van LVVN dragen wij financieel bij aan Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug. | ||||||
2.3.1.2 | Uitvoering van activiteiten uit het programma Groen doet Goed door 10 gemeenten en uitvoering programma Groen aan de Buurt. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
In 2025 hebben negen gemeenten een aanvraag ingediend voor de subsidieregeling 'Groen doet Goed'. In totaal hebben 9.598 kinderen deelgenomen aan de activiteiten. Binnen het programma Groen aan de Buurt zijn in 2025 in vier gemeenten buurtaanpakken afgerond, waarbij samen met bewoners versteende buurten zijn vergroend. Daarnaast hebben 80 bewonersgroepen met inzet van een Groene Buurtbon concrete vergroening in hun buurt gerealiseerd. | ||||||
2.3.1.3 | Verlenen van ten minste drie subsidies Beleefbare natuur voor projecten die de natuurbeleving van inwoners en bezoekers van de provincie Utrecht bevorderen. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
In 2025 zijn er voor de regeling Beleefbare Natuur zes goedgekeurde subsidies afgegeven. | ||||||
P2-4 | Activiteit | Planning | ||||
2.4.1 | De landbouw is meer circulair, natuurinclusief, klimaatneutraal en economisch rendabel |
|
| |||
Er is gewerkt aan alle beschreven activiteiten. Enkele daarvan zijn vertraagd in de uitvoering en daarom zijn niet alle beoogde resultaten behaald. De subsidie openstelling voor ‘Kennisdelingsprogramma landbouw’ is vertraagd en gaat per 1 maart 2026 open. De verruiming van het aanbod bedrijfsplannen heeft meer tijd in beslag genomen dan gepland en zal naar verwachting rond de zomer van 2026 klaar zijn. Het aanbod vanuit beide instrumenten loopt hiermee goed in de pas met de totstandkoming van het UPLG. | ||||||
2.4.1.1 | Verdere uitrol van de Utrechtse Monitor Duurzame Landbouw, ondersteuning van kennisdeling en kennisplatforms. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
De Utrechtse Monitor Duurzame Landbouw heeft weer open gestaan voor nieuwe deelnemers en is dus verder uitgerold (244 deelnemers per 1 januari 2026). Platform Lami.nl is, zoals voorheen, ondersteund. Het aanbod van een breed Kennisprogramma is vertraagd. Het opstellen van de regeling heeft langer geduurd dan gepland en komt voorjaar 2026 beschikbaar. | ||||||
2.4.1.2 | Afronden POP3, het realiseren van GLB openstellingen en toekenning van de subsidies voor deze en eerdere openstellingen. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
Voor POP3 zijn in 2026 nog enkele afrondende administratieve activiteiten voorzien. | ||||||
2.4.1.3 | Ondersteuning van de individuele agrarische ondernemers, met name middels plattelandscoaches, de vraagbaak landbouw en bedrijfsplannen. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
De ondersteuning heeft plaatsgevonden zoals beoogt. Er zijn echter wel minder aanmeldingen voor de plattelandscoaches binnen gekomen dan verwacht. De Vraagbaak Landbouw heeft ruim 130 unieke agrariërs geholpen met uiteenlopende vraagstukken in 2025. Daarnaast zijn er wel een aantal bedrijfsplannen opgesteld met steun van de provincie, maar het brede aanbod hiervoor komt in 2026 beschikbaar. | ||||||
2.4.2 | Utrechtse voedselproducenten produceren meer voor de regionale markt en Utrechtse inwoners kunnen gemakkelijker kiezen voor gezond en duurzaam voedsel |
|
| |||
Er is gewerkt aan alle beschreven activiteiten. Een verdere bijstelling van (een aantal) activiteiten voor de Voedselagenda is voorzien na de vaststelling van het Uitvoeringsprogramma Landbouw en Voedsel. | ||||||
2.4.2.1 | Begin 2025 heeft een bijstelling van activiteiten en projecten naar aanleiding van de evaluatie Voedselagenda 2021-2023 plaatsgevonden. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
In 2025 heeft een bijstelling van activiteiten en projecten plaatsgevonden. Een verdere bijstelling wordt opgenomen in het uitvoeringsprogramma landbouw en voedsel dat nog vastgesteld dient te worden. | ||||||
2.4.2.2 | Het project Lokale en duurzame voedseldeals, welke wordt uitgevoerd door de dealmaker korte keten, wordt voortgezet. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
2.4.2.3 | Er zijn 2-3 additionele deelnemers toegetreden tot het convenant ‘Samen eten we provincie Utrecht mooier’. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
In 2025 is gemeente Amersfoort toegetreden tot het convenant. Er is veel inzet gepleegd om in gesprek te gaan met additionele inkooporganisaties voor het convenant. Deze organisaties hebben afgezien van toetreding vanwege uiteenlopende redenen. | ||||||
2.4.3 | Het ongewenst gebruik van vrijkomende agrarische bebouwing (VAB) is door sloop of hergebruik teruggedrongen |
|
| |||
2.4.3.1 | (Deels) Stoppende agrariërs krijgen meer perspectief op toekomstbestendig gebruik van hun erf en ondermijning en verrommeling wordt tegengegaan. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
2.4.3.2 | We organiseren minimaal drie keer per jaar een bijeenkomst voor gemeenten om hen actief te betrekken bij de transitie landelijk gebied. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
In 2025 zijn 5 bijeenkomsten voor gemeenten georganiseerd. | ||||||
2.4.3.3 | Tenminste 6 gemeenten zijn gestart met het opstellen van een VAB-visie of soortgelijk document en maken daarbij gebruik van provinciale cofinanciering. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
In 2025 zijn 8 gemeenten gestart met het opstellen van een gemeentelijke VAB-visie en 1 daarvan is eind 2025 vastgesteld | ||||||
P2-5 | Activiteit | Planning | ||||
2.5.1 | De leefbaarheid van het landelijk gebied en de kleine kernen is beter |
|
| |||
Er zijn 10 subsidies verstrekt | ||||||
2.5.1.1 | Bevordering van de sociale cohesie in kleine kernen en het landelijk gebied. |
| ||||
Resultaat: | ||||||
