Een revolverend fonds kan worden ingezet als middel om andere financieringsinstrumenten (lening, garantie, deelneming) te realiseren, waarbij de aflossing en of het rendement terugvloeien naar het fonds. Door het gebruik van revolverende fondsen worden middelen dus niet eenmalig uitgeven, maar revolverend of renderend en met een structureel effect ingezet. Het fonds houdt zichzelf in stand, met het doel middelen efficiënt in te zetten en met hetzelfde vermogen in meerdere projecten te investeren. Naast het geld dat beschikbaar wordt gesteld door ons, is het vaak de ambitie cofinanciering aan te trekken, bijvoorbeeld vanuit private partijen of vanuit Europa of het Rijk. Dit wordt de hefboomwerking of het multiplier-effect genoemd.
Er zijn vijf revolverende fondsen, namelijk Gebiedsontwikkelingsfonds Mooi Rijnhuizen (1), de Ontwikkeling Maatschappij Utrecht (OMU) (2), De ROM Regio Utrecht (3), Setu (4) en Ontwikkelfonds opwek (5) waarin de provincie Utrecht via kapitaalverstrekking of garantieverlening deelneemt.
In bijlage 5 is informatie opgenomen over het doel en basisgegevens van de revolverende fondsen.
(1) Gebiedsontwikkelingsfonds Mooi Rijnhuizen | |
|---|---|
De mate waarin met de fondsen de beoogde doelen worden gerealiseerd | Momenteel heeft de gemeente voor ongeveer € 10 miljoen aan contracten afgesloten met ontwikkelaars. Afhankelijk van de fase van ontwikkeling van een woningbouwproject wordt geld afgedragen aan het fonds. Hierdoor kan de bijdrage van de provincie in het revolverend fonds opnieuw ingelegd worden voor de volgende fase. |
Realisatie van revolverendheid | Gemeente en provincie zijn in 2015 een samenwerking aangegaan met betrekking tot het revolverend fonds. De uitgaven die tot nu toe vanuit het gebiedsfonds zijn gedaan, vallen nog in fase 3. |
(2) Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht (OMU) | |
|---|---|
De mate waarin met de fondsen de beoogde doelen worden gerealiseerd | OMU is op basis van voorlopige gegevens tot en met 2025 betrokken bij de herontwikkeling van ruim 50 ha. bedrijventerrein en de transformatie van circa 120.000 m2 kantoren. Inmiddels is een zevental strategische aankopen gedaan, met een totale omvang van ca. 7,0 ha. |
Realisatie van revolverendheid | De investeringen en financieringen van afgeronde projecten uit het transformatiefonds zijn inmiddels allemaal volledig teruggekomen. De projecten hebben daarbij een gemiddeld jaarlijks rendement behaald van tussen de 6 en 8% (bij een gemiddelde looptijd van 1 tot 3 jaar). De maximale omvang van een financiering uit het transformatiefonds is € 2 miljoen per project. Voor investeringen is geen begrenzing. Voor de herstructureringsfondsen is het maximum € 10 miljoen per project. |
(3) Regionale Ontwikkelingsmaatschappij (ROM) | |
|---|---|
De mate waarin met de fondsen de beoogde doelen worden gerealiseerd | Het Participatiefonds is in de zomer van 2020 gestart. In 2025 zijn er tien investeringen vanuit het Participatiefonds gedaan voor in totaal € 11,5 miljoen. Hiermee is een additionele € 32,6 miljoen aan privaat kapitaal aangetrokken. In totaal is er nu € 26,2 miljoen gecommitteerd en € 64,2 miljoen additioneel privaat kapitaal aangetrokken. |
Realisatie van revolverendheid | De revolverendheid van het Participatiefonds van de ROM is door het relatief korte bestaan en de geringe omvang van de uitstaande investeringen op dit moment nog niet goed toetsbaar. Het zal nog een aantal jaar duren voordat we hier beter zicht op krijgen. Vooruitlopend daarop wordt de portefeuille van het fonds ieder kwartaal beoordeeld of een waarde-afschrijving noodzakelijk is en indien nodig een reservering voor opgenomen. Op dit moment is er nog geen aanleiding om een waarde-afschrijving door te voeren of een reservering voor afschrijving op te nemen. Sinds 2024 (Q4) wordt tweemaal per jaar een fair-value waardering uitgevoerd. Uit de (half)jaarstukken volgt dat de huidige investeringenportefeuille ongerealiseerde meerwaarde bevat, maar deze ontwikkeling moet in perspectief tot de exploitatie van de ROM bezien worden. Pas vanaf het moment van verkoop van een belang kan het daadwerkelijke resultaat worden vastgesteld en daarmee ook de realisatie van revolverendheid. |
(4) Stichting Energiefonds Utrecht (SETU) | |
|---|---|
De mate waarin met de fondsen de beoogde doelen zijn gerealiseerd | SETU verstrekt financiering voor investeringen in energiebesparende maatregelen, opwek duurzame energie, en/of duurzame mobiliteit. In 2025 is het financieren van netcongestie oplossingen (voornamelijk energieopslag) expliciet toegevoegd aan de fondsdoelstellingen. Het uitstaande bedrag binnen het provinciale fonds bedraagt € 9,3 miljoen een stijging ten opzichte van eind 2024 toen € 8,9 miljoen uitstond. Het risico-aandeel op de uitstaande portefeuille blijft ongewijzigd en bedraagt 3,4% per december 2025. Over 2025 bedroeg de gemiddelde looptijd van de uitgeboekte financieringen 57 maanden. De hefboom in 2025 bedroeg 5,3. Dat betekent dat voor elke geleende Euro, € 5,30 door de ontvanger is geïnvesteerd in duurzaamheid. |
Realisatie van revolverendheid | Per dec-25 is reeds € 20,7 miljoen aan financiering verstrekt. Dit is 1,3x het beschikbare fondsvermogen en daarmee ligt SETU op koers om de doelstelling om tot 2037 2 tot 2,5 keer het fondsvermogen uit te lenen te behalen. Van de € 20,7 miljoen aan verstrekte financiering is per december 2025 bijna € 11,5 miljoen terugbetaald. Er is nog geen gebruik gemaakt van de risicoreservering. Het eigen vermogen van SETU bedraagt bijna € 2 miljoen waarmee eventuele tegenvallers kunnen worden opgevangen. |
(5) Ontwikkelfonds Opwek (Stichting Nationaal Groenfonds en Energie Samen) | |
|---|---|
De mate waarin met de fondsen de beoogde doelen zijn gerealiseerd | Uit het huidige fondsvermogen is ca. 1,8 mln. uitgezet aan projectleningen. Er is één project afgeboekt (€450 afgeschreven). |
Realisatie van revolverendheid | Op basis van prognoses van de fondsmanager (peildatum 1 januari 2026) is op basis van de waarde van uitzettingen ten opzichte van wat daadwerkelijk uit de projectendepots is opgenomen sprake van een revolverendheid van 78%. Dit is gebaseerd op ca € 353.000 aan opnames en een geschatte waarde van € 277.090. Dit is een te geringe basis om voorspellingen te doen voor het gehele fondsvermogen. |
