Hoofdstuk 3 - Paragrafen

3.4 Financiering

Bij het uitzetten van overtollige middelen wordt de Regeling schatkistbankieren decentrale overheden gevolgd. De rentevergoeding over het saldo schatkist bedroeg in het eerste kwartaal 2,9%. In de volgende kwartalen is de rente gedaald tot 1,9% eind 2025. De renteopbrengst op de overtollige middelen bij de schatkist was in 2025 € 4,3 miljoen.

Rentetoerekening
Voor de verwerking van rentelasten in de begroting en jaarrekening moeten de richtlijnen in de Notitie rente
van de commissie BBV gevolgd worden. Het saldo van de geraamde rentelasten en -baten wordt met een
renteomslagpercentage toegerekend aan de vaste activa en grondexploitatie. In 2025 zijn er rentebaten en geen rentelasten. Overeenkomstig de BBV wordt dit saldo niet omgeslagen naar de taakvelden in de begroting maar wordt verantwoord als renteresultaat op het taakveld Treasury onder de algemene middelen.
Het renteresultaat is als volgt berekend:

Renteschema:

Bedragen x € 1.000

a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering

0

b. De externe rentebaten (idem)

-/-

4.333

Saldo rentelasten en baten

-4.333

c1. De rente die aan facilitaire grondexploitatie moet worden doorberekend

-/-

0

c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

-/-

0

c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

+/+

0

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

0

d1. Rente over eigen vermogen

+/+

0

d2. Rente over voorzieningen

+/+

0

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

-4.333

e. De aan taakvelden toegerekende rente (rente omslag)

-/-

0

f. Renteresultaat op het taakveld Treasury

-4.333

Deze pagina is gebouwd op 05/11/2026 07:53:07 met de export van 05/05/2026 12:33:08